Stofzuiger

Stofzuigen met paard en kar

Hubert Cecil Booth (Gloucester, 4 juli 1871 – Purley, Surrey, 18 januari 1955)

De jonge ingenieur Hubert Cecil Booth had al enkele jaren aan motoren voor oorlogsschepen van de Royal Navy gesleuteld en het reuzenrad van het Prater in Wenen op zijn krachten genomen, toen hij in 1900 een vreemde uitnodiging ontving.

Een Amerikaanse uitvinder gaf in een Londense concertzaal een demonstratie van een revolutionaire methode om met samengeperste lucht vloerkleden schoon te maken. De man liet door het mondstuk van een buis de lucht krachtig in het karpet blazen.

Het stof en vuil dat daarbij tevoorschijn kwam, ving hij in een bakje op. Het procedé kon niet verhinderen dat de toeschouwers in dikke stofwolken werden gehuld.

Ter plekke kwam Booth op het idee dat het verstandiger zou zijn het stof op te zuigen, in plaats van weg te blazen. Zijn eerste experiment was van een bijzondere eenvoud. Hij ging thuis op zijn buik op de vloer liggen, knoopte een zakdoek voor zijn mond en zoog de lucht krachtig in.

En jawel, de zakdoek zag er zeer groezelig uit. Een paar dagen later deed hij dit voor drie van zijn vrienden in een restaurant in Westminster nog eens over.

Hij hield een zakdoek tegen de bekleding van de achterkant van zijn stoel en zoog. Tot groot jolijt van de aanwezigen stikte hij bijna in het stof. Zijn zakdoek was zo smerig dat een van zijn kameraden prompt aanbood te investeren in de machine die Booth voor ogen had.

Medici waren in die tijd goed op de hoogte van het verband tussen ziekten en slechte hygiënische omstandigheden. Eerder hadden tientallen uitvinders toestellen ontwikkeld om het stof te bestrijden, ook door wegzuiging.

Booth boekte succes omdat hij als eerste een motor met een benzinemengsel als vaste krachtbron gebruikte. De motor, die hij naar een vroege stoomlocomotief Puffing Billy noemde, had een vermogen van vijf pk.

Sommigen verklaren zijn doorbraak uit een betere oplossing van het filterprobleem, waardoor stof en lucht grondig werden geschexiden. Zodat het stof niet terechtkwam in de pomp die voor het vacuüm moest zorgen. In elk geval kreeg Booth in 1901 octrooi op zijn machine.

De eerste jaren leek de stofzuiger in de verste verte niet op een toestel van vandaag. De motor zat in een gesloten koets die werd voortgetrokken door een paard. Boven op de wagen bevond zich een luik van waaruit vier slangen vertrokken van elk 25 meter lang.

Met zo’n slang kon je dan in een huis of in kamers op verdiepingen aan de slag gaan. Alle Londenaars wilden zelf het evenement meemaken.

Zodat de stofzuigwagen het openbare leven verstoorde en de politie dagelijks moest ingrijpen. Bovendien maakte de vroege benzine motor zo’n hels kabaal dat de paarden van huurrijtuigen schichtig werden of op hol sloegen. Ook koetsiers dienden klacht in tegen de nieuwe firma van Booth.

Bijna dagelijks ontving hij dagvaardingen en moest hij forse boetes betalen.

Alleen de koning kon hem redden. Koningin Victoria was net overleden en het aantreden van haar zoon Edward VII ging in Londen met allerlei plechtigheden gepaard. Booth bood aan zijn machine te gebruiken om het vermaarde blauwe tapijt van Westminster Abbey te reinigen.

Het succes was zo groot dat de koning en de koningin de machine wel eens wilden zien. Tijdens een demonstratie op Buckingham Palace nam de nieuwbakken koningin Alexandra de buis in hoogsteigen persoon ter hand. Ze bewoog zelfs even het mondstuk over de vloer.

Het Hof kocht meteen twee toestellen: een voor Buckingham en een voor Windsor. Het spreekt vanzelf dat ook andere Europese vorsten geïnteresseerd raakten. In het spoor van het Hof volgde de Londense elite.

Chique dames in de deftige wijk Mayfair nodigden hun kennissen uit om tijdens het nuttigen van een kop thee de stofzuigparty bij te wonen. De slimme Booth liet in de buizen glazen tussenstukken aanbrengen, zodat iedereen het stof mooi kon zien vliegen.

Na een paar jaar hield de ingenieur het voor bekeken. Hij liet de leiding van zijn bedrijf aan anderen over en wijdde zijn verdere leven aan het bouwen van bruggen.

In 1906 bracht zijn firma de eerste huishoudelijke stofzuiger op de markt, de ‘Trolley Vac’, met een gewicht van nog altijd vijftig kilogram.

Aangesproken op zijn verdienste als uitvinder van de stofzuiger zou Booth later antwoorden: ‘Het was niet meer dan een gelukkige inval.’ In 1955, toen hij 84 was, schreef een wetenschapsjournalist: ‘De petten worden met eerbied afgezet en zijn lange gestalte met zilverwit haar wordt vriendelijk gegroet bij de bezoeken die hij vaak aan de fabriek brengt.’ Datzelfde jaar overleed hij.

Zijn bedrijf bestaat nog altijd. Het maakt stofzuigers voor industriële doeleinden.

De zakloze stofzuiger van dyson

Een klassieke stofzuiger zuigt het stof op met een motor die een waaier of schoepenrad doet draaien met circa 25.000 omwentelingen per minuut.

De werking is te vergelijken met die van een ventilator: aan de ene kant zuigt het snel ronddraaiende schoepenrad lucht aan, aan de andere kant blaast het die weg. Het stof dat wordt meegezogen komt terecht in een stofzak die vóór de schroef zit.

De zak laat wel lucht door, maar houdt het vuil tegen. Meestal zit achter de stofzak nog een filter om het laatste stof op te vangen.

De zakloze stofzuiger doet de opgezogen lucht veel sneller ronddraaien. Door de enorme middelpuntvliedende kracht wordt ook het fijnste stof uit de lucht naar de buitenkant van de luchtstroom geslingerd, waar het neervalt in een stofbak.

Het apparaat verliest daardoor gedurende het vol raken niet aan zuigkracht, het type met de stofzak wel.

Sir James Dyson, die de stofzakloze stofzuiger bedacht en wereldberoemd maakte, komt uit Norfolk in Noord-Engeland. Van 1966 tot 1970 studeerde hij Meubelen Interieurontwerp aan het Royal College of Art in Londen.

Een van zijn vroege ontwerpen was de Ballbarrow, een kruiwagen met een bolvormig wiel.

Bij gebruik van een verfspuiter voor de Ballbarrow viel het Dyson in 1978 op dat de luchtfilter voortdurend verstopt raakte. Hij ontwikkelde een systeem dat met centrifugaalkrachten deeltjes uit de lucht filterde. En dat idee probeerde hij achteraf op een stofzuiger toe te passen.

Volgens een andere versie zag Dyson, altijd op zoek naar een oplossing uit onverwachte hoek, hoe in een houtzagerij vlakbij bij zijn nieuwe huis een negen meter hoge kegel op zuiver centrifugale kracht stof uit de lucht haalde.

Hij bedacht dat een stofzuiger die net als een cycloon, een wervelwind, stof uit de lucht kon halen, geen stofzak en geen filter meer nodig zou hebben. Dyson: ‘Een formule I-coureur kan in een bocht tot 5G (vijf keer de zwaartekracht) verdragen, een piloot 10G voor hij het bewustzijn verliest.

In mijn stofzuiger lopen de krachten op tot 200.000G.’

Vijf jaar en 5127 prototypen later was de eerste stofzakloze stofzuiger een feit. Van 1982 tot 1984 schuimde hij Europa af op zoek naar bedrijven, onder meer Philips, die zijn product op de markt wilden brengen. Door hoge patentkosten ging hij bijna failliet.

Totdat hij in Japan gehoor kreeg, waar een firma het apparaat met groot succes onder de naam G Force op de markt bracht.

Met de inkomsten van de Japan-licentie kon hij in 1993 eindelijk een fabriek in Groot-Brittannië oprichten. Eerst een in Chippenham, later een in Malmesbury, allebei in het Zuid-Engelse Wiltshire. In de loop der jaren is Dyson vaak onderscheiden, vaak op het vlak van design.

Hij kreeg zeker vijf eredoctoraten, van de universiteit van Staffordshire eentje voor de Letteren. Wegens welbespraaktheid?

Hij werd het Britse symbool van de jonge, excentrieke, innovatieve, moderne uitvinder. Een ster. Toen hij vijftig werd schreef hij zijn autobiografie. De Britse koningin ridderde hem en ze bracht in 2001 zelfs een bezoek aan zijn fabriek in Malmesbury.

Groot was dan ook de schok toen hij in 2002 de productie van Malmesbury, met zijn 800 werknemers, naar Maleisië verhuisde.

Consumentenbladen beoordelen de Dysonstofzuiger koeler dan de consumenten: te duur, te veel lawaai, weinig stofverwijdering, lage stofuitstoot, maar dat komt door een goede en dure filter, aldus het verdict. Dyson is van huis uit een designer, zijn stofzuiger is vooral zwaar gedesigned.

De transparantie maakt daar deel van uit. Dyson: ‘Dan zien de mensen wat het effect is van stofzuigen.’ Dat had honderd jaar eerder Hubert Cecil Booth met de glazen tussenstukken in zijn buizen ook al bedacht.