Nestlé

De uitvinder van het kindermeel kwam uit een gezin waarvan vijf kinderen als baby overleden waren

HENRI NESTLÉ (1814-1890)

In het najaar van 1874, nauwelijks zeven jaar nadat hij het product had uitgevonden dat intussen wereldwijde faam genoot, werd het Nestlé te veel. Hij zocht en vond meteen kopers die hem een miljoen Zwitserse frank boden. Hij aarzelde.

Toen ze er nog een schitterende koets en een span paarden bovenop deden, nam hij het bod aan.

Op 5 maart 1875 werd de koop gesloten. Hij verkocht alles: zijn bedrijf, zijn klanten, het exclusieve gebruik van zijn naam, de geheime samenstelling van zijn uitvinding, het allerlaatste aandeel, alles. Samen met zijn vrouw leidde hij voortaan een rustig bestaan in Montreux en Glion.

De Nestlés hadden geen kinderen. Op 7 juli 1890 overleed hij in Montreux waar op het kerkhof zijn graf vandaag nog te vinden is. Henri Nestlé: honderd jaar later is zijn naam nog altijd verbonden aan het grootste voedingsconcern ter wereld.

Nestlé was op 10 augustus 1814 in de Töngesgasse in Frankfurt am Main als Heinrich Nestle (zonder accent) geboren. Hij was de elfde van veertien kinderen van een glazenmaker.

Hij volgde een vakopleiding als apotheker en vestigde zich in 1843 als eenvoudige handelaar in het Zwitserse Vevey, aan het meer van Genève, waar hij zijn naam tot Henri Nestlé verfranste.

Hij vervaardigde likeuren, mineraalwater, azijn en mosterd en dreef een oliemolen, een steenmolen en een zagerij.

In zijn kleine laboratorium ontwikkelde hij kunstmest en – vanaf 1852 – vloeibaar gas voor de straatverlichting van Vevey: Nestlé had uitvindersbloed in de aderen.

Wat hem al die jaren zonder veel resultaat het meest bezighield was de industriële productie van kindermeel, licht verteerbaar voedsel bestaande uit suiker, melk en tarwemeel waarmee kleine kinderen in leven konden worden gehouden. Hij zag dit meel vooral als een aanvulling op de moedermelk.

De kindersterfte in die jaren bedroeg meer dan 20% van het aantal geborenen. Nestlés moeder had al vijf van haar kinderen zien sterven voor haar Heinrich geboren werd, en dat moet in zijn motivatie zeker een rol hebben gespeeld.

Voor de allerkleinsten

Hij verspreidde zijn bijzondere meel al een paar maanden op kleine schaal toen het lot hem een handje hielp. Eerder had hij zijn uitvinding als volgt beschreven : ‘De basis van mijn babyvoeding is voedzame Zwitserse melk die geconcentreerd wordt met een luchtpomp.

Dat gebeurt op lage temperatuur zodat de melk zo vers blijft alsof ze recht uit de uier van de koe komt. Het graanbestanddeel is gebakken volgens een speciaal procédé dat ikzelf heb bedacht. De twee worden dan in de juiste verhouding gemengd, wat resulteert in een perfect voedingsproduct.’

Op een avond in september 1867 gebeurde het. Nestlé: ‘Toen ik mijn ontdekking deed, had ik baby’s van een paar maanden voor ogen. Maar het werd spoedig duidelijk dat het preparaat ook geschikt was voor de allerkleinsten.

Mevrouw Wanner was ernstig ziek en haar kind was een maand te vroeg geboren. Het was een zwak kind, dat niet alleen de moedermelk weigerde maar ook elk ander voedsel. Het kreeg stuiptrekkingen en de hoop dat het in leven zou blijven, werd met de dag kleiner.

Mijn vriend professor Schnetzler bracht mij van het geval op de hoogte en vroeg me of hij mijn product mocht uittesten op het kind, dat toen vijftien dagen oud was. Vanaf dat ogenblik is de baby uitsluitend met mijn speciale kindermeel gevoed.

Hij is nooit meer ziek geweest en is nu een stevige, zeven maanden oude jongen, die al zonder steun rechtop kan zitten.’ Pas toen drong het tot hem door hoe revolutionair zijn product was.

Zijn vertrouwen groeide: ‘Mijn ontdekking heeft een grote toekomst, want er is geen enkel voedsel dat met mijn kindermeel kan worden vergeleken.’ En: ‘Ik heb de goedkeuring van alle artsen die het hebben getest.

Bovendien zijn alle moeders die het ooit één keer gebruikten zonder uitzondering teruggekomen.’

‘Nestlé,’ zeggen zijn biografen, ‘was een intelligente man, recht door zee, met een grote liefde voor eenvoud en precisie en een sterke wil.’ Hij vatte meteen het plan op om zijn product op de internationale markt te brengen.

In 1868 lag het tegelijkertijd in apotheken in Lausanne, Frankfurt, Parijs en Londen. Hoe hij dat in z’n eentje had klaargespeeld was een raadsel. Tegen het einde van 1869 produceerde hij meer dan een halve ton per dag. Hij kreeg af te rekenen met ‘een lawine aan bestellingen’.

Hij mikte bewust op een lage prijs en grote omzet : ‘Het zijn niet de rijke lui die onze grote klanten zijn ; wij moeten de prijs voor ons babyvoedsel binnen ieders bereik brengen. Het is beter twee blikken te verkopen voor 3,60 zwf dan eentje voor 2 zwf.’

Net toen hij goed op dreef was, brak in 1870 de Frans-Pruisische oorlog uit. ‘Over de oorlog wil ik niets zeggen,’ zo schreef hij, ‘ik word er misselijk van.

Zo lang wij, Europeanen, leiders hebben met een staand leger, zullen er beschamende en barbaarse oorlogen zijn.’ Door het beleg van Parijs kon hij geen meel meer leveren voor de gegijzelde baby’s : ‘De koning van Pruisen hecht meer belang aan buskruit dan aan mijn poeder, dat kinderen in leven houdt.’

Vogelnestje

In 1870 bereikte zijn meel de Verenigde Staten en in 1873 stonden zeventien landen op zijn orderlijst. Hij was er trots op een selfmade man te zijn.

Toen een van zijn agenten suggereerde het logo van zijn firma – een vogelnestje dat hijzelf had getekend – te vervangen door een Zwitsers kruis, antwoordde hij: ‘Mijn product moet op het eerste gezicht herkenbaar zijn.

Het vogelnest is niet alleen mijn handelsmerk maar ook mijn familiewapen. “Nestle” is Duits dialect voor “nestje”. Ik kan niet in elk land een ander handelsmerk hebben.

Iedereen kan gebruik maken van een kruis, maar niemand kan mijn familiewapen gebruiken.’ Hij was ook een fervente verdediger van de vrijheid. Hij bekostigde bijvoorbeeld de reis naar Zwitserland van de Franse schilder Gustave Courbet toen die na de val van de Parijse Commune de wijk moest nemen.

Het werk groeide Nestlé boven het hoofd. Vooral de staat waarin de zeevrachten New York, Melbourne of Buenos Aires bereikten, kostte hem veel hoofdbrekens. In 1873 gingen 500.000 blikjes kindermeel de deur uit.

Het bedrijf breidde zich zo snel uit, dat hij het in z’n eentje niet meer onder controle kon houden. In 1874, nauwelijks zeven jaar na de affaire met het kindje van mevrouw Wanner, begon hij uit te kijken naar kopers en die kwamen snel opdagen.

Geneefse geldschieters richtten in 1875 de ‘Farine Lactée Henri Nestlé’ op. In 1905 volgde de eerste grote fusie. Nestlé, nog altijd met het vogelnestje als merkteken, is vandaag het grootste voedingsconcern ter wereld.

Het telt 400 fabrieken, 200 ondernemingen en meer dan 200.000 man personeel op vijf continenten.

Nescafé

Om een uitweg te vinden voor de miljoenen tonnen koffie die in gunstige jaren vernietigd moesten worden, klopte de Braziliaanse regering tegen het einde van de jaren twintig aan bij de Zwitserse firma Nestlé.

Bestond er geen mogelijkheid om oploskoffie te maken met de techniek waarmee melkpoeder was vervaardigd? Vroegere pogingen, ook in Brazilië zelf, hadden geleid tot een resultaat dat niet eens naar koffie rook, laat staan dat het ernaar smaakte.

Tien jaar hadden de Zwitserse onderzoekers nodig. Ze ontdekten dat het aroma bewaard bleef als de gemalen koffie met koolhydraten werd aangevuld. Het concentraat werd vervolgens in een warmeluchtstroom tot poeder gedroogd. Het product kreeg de naam Nescafé.

Het brein achter het nieuwe procédé was onderzoeksleider Max Rudolf Morgenthaler uit het Bernse Burgdorf.

Bij zijn overlijden in 1980 wist de pers alleen te melden dat hij van 1929 tot 1955 als chemicus voor Nestlé had gewerkt, dat zijn uitvinding veel bekender was geworden dan hijzelf, en dat de inwoners van Vevey zich hem herinnerden als ‘een kleine, beminnelijke, witharige man’.

Op 1 april 1938 kwamen de eerste blikjes in de Zwitserse winkels.

Zonder veel reclame, omdat de voorraad nog te beperkt was. Door de politieke onrust in het Europa van die dagen werd de verspreiding gehinderd. Niettemin kwam de oploskoffie nog voor de oorlog op de Amerikaanse markt.

Toen de Verenigde Staten in december 1941 in de wereldoorlog betrokken raakten, werd het Amerikaanse leger van grote hoeveelheden Nescafé voorzien. De GI’s brachten het poeder mee naar Europa. Net zoals nylonkousen en balpennen.

In 1964 werd de klassieke droogtechniek vervangen door vriesdroging op min veertig graden.